In een zuiveringsinstallatie ondergaat het afvalwater een mechanische zuivering gevolgd door een biologische zuivering.
Mechanische voorzuivering
Alle grotere delen in het afvalwater worden door middel van roosters verwijderd. Eventueel kunnen ook vet en zand door een vet- en zandvanger worden gescheiden van het afvalwater. In een voorbezinktank kan bezinkbaar materiaal uit het rioolwater worden gehaald.
Biologische zuivering
De heel kleine of opgeloste deeltjes die na de mechanische zuivering nog overblijven in het water, worden door aërobe bacteriën en micro-organismen afgebroken. Samen met toegevoerde zuurstof zorgt dit actieve slib ervoor dat de organische afvalstoffen worden afgebroken tot koolstofdioxide (CO2), stikstofgas (N2) en water (H2O). Deze biologische zuivering lijkt dus heel sterk op wat er in een natuurlijke waterloop gebeurt.
Nabezinking
De nabezinking is de laatste fase in het zuiveringsproces. Het overblijvende slib bezinkt in de tank na verloop van tijd en gezuiverde water kan via een overloopsysteem in het oppervlaktewater worden geloosd.
Er zijn nog andere manieren om water te zuiveren. Dit is nodig als je water wilt drinken, maar ook voor allerlei industriële processen waarbij water gebruikt wordt. Voor het zuiveren van water zijn verschillende technieken.
1 – Filteren
2 – Koken
3 – Koolstof filteren
4 – Distillatie
5 – Omgekeerde osmose
6 – Ionenwisselingschromotografie
Uitleg over deze methodes vindt u in bron 2